INTEGRAAL PROFESSIONEEL STATUUT

INLEIDING

Dit integraal professioneel statuut betreft onze afspraken rond psychosociale, gedragswetenschappelijke, psychiatrische en somatische zorg en omvat zowel kortdurende interventies als langdurige zorg. Het professioneel statuut wordt vastgesteld door de Algemene Ledenvergadering van de Coöperatie Polypartners, en vormt integraal onderdeel van het kwaliteitssysteem. Elke instelling is zelfstandig verantwoordelijk voor de uitvoering van de zorg, inclusief de werkwijze zoals beschreven in dit professioneel statuut.

Dit professioneel statuut heeft een algemeen karakter en geldt voor alle professionals, los van discipline, sector of financieringssysteem waarbinnen professionals werken. Het veelal multidisciplinaire karakter van de zorg die aangeboden wordt, maakt een beschrijving van de verhoudingen in samenhang wenselijk.Voor de discipline arts/psychiater is wegens wettelijk bepaalde verantwoordelijkheden is een aantal specifieke artikelen opgenomen.

Verantwoordelijkheden, rechten en plichten, en vrijheid van handelen worden enerzijds bepaald door wet en regelgeving en anderzijds door protocollen, richtlijnen en instellingsgebonden voorschriften zoals vastgelegd in het kwaliteitssysteem.

De geboden preventie, diagnostiek, begeleiding en behandeling wordt gekenmerkt door deskundigheid, doelgerichtheid en effectiviteit. Over inhoud en kwaliteit van zorg wordt verantwoording afgelegd aan de cliënt, cliëntsysteem, de overheid, leidinggevenden en andere daarvoor in aanmerking komende partijen.

Het professioneel statuut geeft de kaders aan waarbinnen de zorg wordt verleend en beschrijft de te onderscheiden verantwoordelijkheden met de daarbij behorende rechten en plichten van de professional en de instelling. Een en ander laat onverlet de wettelijke voorschriften die van kracht zijn, waaronder van de Wet op de toelichting Zorginstellingen (WTZi), Kwaliteitswet Zorginstellingen (KZI), de Wet Beroepsuitoefening Individuele Gezondheidszorg (BIG), de Wet Bijzondere Opneming Psychiatrische Ziekenhuizen (BOPZ), de Jeugdwet, de algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ), de Wet Maatschappelijke Ondersteuning

(WMO) en de Wet Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO).

Het professioneel statuut geeft tevens de verhouding weer tussen de professionele autonomie van de professional en de verantwoordelijkheid van de instelling. De inzet van professionals met specifieke opleidingen, verantwoordelijkheden en onderlinge overlegstructuren kunnen verschillen op basis van specialisme (bijvoorbeeld beperkingen of gedragsproblemen), zorgsoorten (bijvoorbeeld GGZ of jeugdhulp) of financiers (bijvoorbeeld verzekeraars of gemeenten) verschillen.

 

UITGANGSPUNTEN & DEFINITIES

 

PROFESSIONAL

De hulpverlener die beroepsmatig diagnostiek, behandeling en begeleiding aan een cliënt verleent en die een arbeidsovereenkomst of freelance-overeenkomst met de instelling heeft. De professional heeft minimaal een gerichte HBO-opleiding in de zorg met een bijbehorende landelijke registratie. Hulpverleners zonder gerichte opleiding of met een opleiding op MBO-niveau of lager, zijn ondersteunend professional en ontvangen instructies rond plannen en uitvoering van een professional, zoals bedoeld in dit professioneel statuut.

 

CLNT & CLIENTSYSTEEM

Een ieder die een overeenkomst zorg heeft met de instelling of ieder die aan de zorg van de instelling is toevertrouwd en op grond van de hulpvraag door de professional wordt begeleid en/of wordt behandeld, inclusief de medebehandeling van familie en netwerk van de cliënt, al dan niet met een gezagsfunctie over de cliënt (bijvoorbeeld ouders of bewindvoerders).

 

PROFESSIONELEAUTONOMIE

Het, gegeven de wettelijke kaders, de professionele standaard en de instellingskaders voor zover deze niet in

Dit document is onderdeel van het gezamenlijk kwaliteitssysteem van de coöperatie Polypartners. Voor meer informatie  www.polypartners.nl

Versiedatum: 7-10-2016 13:53:00

strijd zijn met de professionele standaard, zonder inmenging van derden en zonder preventief toezicht van de werkgever, in de individuele hulpverlener/cliëntrelatie als professional geven van begeleiding en/of behandeling aan de cliënt.

 

VERLENENVAN ZORG

Het geheel van activiteiten in het kader van preventie, diagnostiek, behandeling en begeleiding, waaronder het inzetten van methodische (multidisciplinaire) deskundigheid met als doel sociale en gezondheidsproblemen te voorkomen, dan wel het streven naar herstel of, indien dat niet mogelijk is, binnen de gegeven beperkingen zo veel mogelijk zelfstandig functioneren.

 

OVEREENKOMST ZORG

De overeenkomst tussen de instelling en cliënt op grond van de WGBO. Deze overeenkomst zorg wordt ondertekend, inclusief toestemming van de cliënt ten aanzien van de ‘algemene voorwaarden’. Hiermee is de cliënt op de hoogte van de algemene werkwijze, de rechten en plichten van de cliënt.

 

PLAN

Het samen met de cliënt afgesproken individuele plan dat conform de wettelijke eisen beschrijft welke zorg de cliënt ontvangt naar aanleiding van de hulpvraag.

 

JURIDISCHE KADERS

Een overzicht van de belangrijkste wetten waarbinnen gewerkt wordt:

 

WETTOELATING ZORGINSTELLINGEN (WTZI)

Deze wet regelt dat alleen toegelaten instellingen erkend en bevoegd zijn medische zorg te bieden, inclusief langdurige die valt onder de AWBZ. Hiertoe moet de instelling zich houden aan een groot aantal organisatorische en –kwaliteitseisen. Daarnaast is de uitvoering van zorg, afhankelijk van het specialisme, mogelijk als zelfstandig gevestigd professional. In dit laatste geval is de professionele verantwoordelijkheid direct geregeld via de beroepsregistratie.

 

KWALITEITSWET ZORGINSTELLINGEN (KZI)

De Kwaliteitswet is een kaderwet die instellingen verplicht tot het verstrekken van zorg (diagnostiek, begeleiding, behandeling en therapie) op een kwalitatief goed niveau. Het toezicht daarop wordt uitgeoefend door de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ). De zorg dient doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht te zijn.Voor de beoordeling van de kwaliteit van zorg gelden onder andere de door de professionals binnen hun beroepsdomein gestelde normen op grond van de professionele standaard, protocollen, richtlijnen en standaarden, naast de binnen de instelling geldende (organisatorische) protocollen en richtlijnen.

 

WET OPDE GENEESKUNDIGE BEHANDELINGSOVEREENKOMST (WGBO)

De instelling is op grond van de WGBO, als instelling die de overeenkomst met de cliënt aangaat, aansprakelijk voor fouten in de zorgverlening, ongeacht waar en door wie de fout in de instelling is gemaakt. De professional is degene die namens de instelling optreedt en voldoet aan de kwalitatieve eisen als in de wet gesteld.

 

WET OPDE BEROEPEN IN DE INDIVIDUELE GEZONDHEIDSZORG (WET BIG)

De Wet BIG heeft als doel de kwaliteit van de beroepsuitoefening te waarborgen en beoogt cliënten te beschermen tegen ondeskundigheid en onzorgvuldig handelen van beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg. De wet geeft om die reden een aantal beroepen titelbescherming, regelt deskundigheidsgebieden en beschrijft de aan bepaalde beroepsgroepen voorbehouden handelingen.

 

WET BIJZONDERE OPNEMINGEN PSYCHIATRISCHE ZIEKENHUIZEN (BOPZ)

De wet die betrekking heeft op personen die op grond van een rechterlijke uitspraak in een psychiatrisch ziekenhuis worden opgenomen of verblijven.

 

DE JEUGDWET

De wet die de psychosociale zorg in brede zin, zowel in vrijwillig als in gedwongen kader, voor jeugdigen en hun gezinnen regelt, zoals deze vanaf 2015 vanuit gemeenten vormgegeven wordt.

 

ZORGVERZEKERINGSWET (ZVW)

Wet van 16 juni 2005, houdende regeling van een sociale verzekering voor geneeskundige zorg ten behoeve van de gehele bevolking (Zorgverzekeringswet)

 

DEALGEMENEWET BIJZONDERE ZIEKTEKOSTEN (AWBZ)

De AWBZ regelt de langdurige zorg voor mensen met een ernstige beperking door een handicap, chronische ziekte of ouderdom.

 

WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING

De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) regelt dat mensen met een beperking ondersteuning kunnen krijgen.

 

WET OPDE PRIVACYBESCHERMING (WPB)

Deze wet regelt de personenregistratie en privacy van cliënten en de wijze waarop zorgverleners hiermee omgaan. Een en ander is vastgelegd in het privacyreglement binnen het kwaliteitssysteem.

 

TUCHTRECHT

De beroepsbeoefenaren als genoemd in artikel 3 van de wet BIG kunnen individueel tuchtrechtelijk worden aangesproken op hun professioneel handelen en/of nalaten, welke aansprakelijkheid/verantwoordelijkheid niet kan worden overgedragen.

 

WETTELIJKEAANSPRAKELIJKHEID BEROEPSUITOEFENING

De werkgever met een verzekering vrijwaart de werknemer voor aansprakelijkheid ter zake en ziet af van de eventuele mogelijkheid van regres op de werknemer. Een en ander is niet van toepassing indien de schade het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer. De werkgever voorziet in adequate rechtsbijstand als de werknemer wordt betrokken in een in- of externe klachtprocedure, inclusief tuchtrechtprocedure, tenzij er sprake is van nalatigheid of bewuste roekeloosheid. Dit artikel heeft geen betrekking op strafrechtelijke procedures.

 

VERANTWOORDELIJKHEDEN,BEVOEGDHEDEN & ONDERLINGEVERHOUDINGEN

ALGEMEEN

Om als professional te kunnen werken is het noodzakelijk dat de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en onderlinge verhoudingen goed zijn geregeld. Alleen dan kunnen professionals hun professionele ruimte benutten en, indien nodig, worden aangesproken op hun handelen.

 

DE INSTELLING & DE DIRECTIE

De instelling wordt bestuurd door een (statutaire) directie die uit dien hoofde verantwoordelijk is voor de totale zorg die wordt verleend. Deze zorg dient doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht te zijn. Daarnaast heeft de instelling een financieel kader dat de grenzen aan de zorgverlening aangeeft en dat kan nopen tot

prioritering in de zorg die verleend kan worden. De aanwending van de middelen dient zodanig plaats te vinden dat het leveren van verantwoorde zorg door de hulpverlener geoptimaliseerd wordt. Om de verantwoordelijkheid te kunnen dragen is de directie bevoegd (organisatorische) richtlijnen, protocollen vast te stellen en aanwijzingen te geven die gelden bij de uitvoering van de werkzaamheden. Binnen de instelling kunnen door de directie binnen de hiërarchische structuur verschillende lijnfunctionarissen worden aangewezen die verantwoordelijk zijn voor delen van de organisatie.

Naast de organisatorische lijnorganisatie is er een functionele lijn tussen professionals met verschillende niveaus en verantwoordelijkheden:

 

PROFESSIONALS

Professionals ontlenen hun verantwoordelijkheid aan het deskundigheidsgebied waarvoor zij zijn opgeleid en dienen professioneel autonoom te kunnen handelen binnen de voor hen geldende professionele (wetenschappelijke) standaard en met inachtneming van de met de instelling overeengekomen taken. Indien handelingen voorbehouden zijn aan een bepaalde professional mogen deze alleen worden verricht door de professional die daartoe zelfstandig bevoegd is, dan wel in opdracht van de zelfstandig bevoegde. Zij voeren de taken uit in relatie tot de cliënt, zoals vastgelegd in contracten met financiers, het individuele plan en/of zoals deze voortvloeit uit de wet en regelgeving, zoals BOPZ.

In dit kader zijn professionals in verschillende rollen werkzaam. Deze rollen kunnen ook in één persoon vertegenwoordigd zijn. In de dossiervorming van cliënten en personeelsdossiers worden deze rollen vastgelegd.

 

GENEESHEERDIRECTEUR

Dit dient een psychiater te zijn en draagt (eind-)verantwoordelijkheid voor de totstandkoming en vormgeving van behandelbeleid, behandelmethoden en zorgpaden voor zover het gaat over psychiatrische en somatische zorg. Daarnaast is de geneesheer-directeur verantwoordelijk voor de inhoudelijke coördinatie van meldingen aan de inspectie gezondheidszorg (IGZ) en onderzoeken rond calamiteiten (waaronder suïcide) en andere onregelmatigheden.Tenslotte heeft de geneesheer-directeur specifieke verantwoordelijkheden rond (verplichte) opnames van cliënten in crisissituaties.

 

SUPERVISOR:HOOFDBEHANDELAAR /WERKBEGELEIDER/SENIORPROFESSIONAL

De professional die eindverantwoordelijk is voor de inhoud en uitvoering van de plannen van individuele

cliënten. Deze professional is voor de cliënten anderen aanspreekbaar voor de voorgenomen en uitgevoerde diagnostiek, behandeling of begeleiding. Afhankelijk van het type zorg en de financier kunnen specifieke beroepsgroepen deze taak vervullen.

Specifiek voor GGZ: De hoofdbehandelaar heeft minimaal één keer persoonlijk contact met de cliënt/cliëntsysteem in de fase van diagnose, hetzelfde geldt in de afsluitingsfase voor trajecten langer dan 6 maanden.

 

BEHANDELAAR/ZORGVERLENER & COACH/CONTACTPERSOON

De professional die verantwoordelijk is voor (een deel van) de uitvoering van het plan ten behoeve van de individuele zorg aan cliënten. De behandelaar/zorgverlener die het grootste deel van de zorgverlening uitvoert heeft de rol van ‘coach/contactpersoon’. Deze professional is verantwoordelijk voor de dagelijkse afstemming intern en extern, regelt dat de overeenkomst zorg en het plan met de cliënt wordt vastgesteld, zorgt dat de bijbehorende dossiervorming op orde is en legt inhoudelijk verantwoording af aan de supervisor.

SPECIFIEKE BEPALINGEN

VOORWAARDENSCHEPPEND

  1. 1. De directie kan met inachtneming van dit professioneel statuut regels vaststellen aangaande het doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht verlenen van zorg.
  1. 2. De directie zal de professionele autonomie van de professionals zoals in dit professioneel statuut gedefinieerd respecteren en waarborgen.
  1. 3. De directie verschaft de professionals, binnen de mogelijkheden van de instelling, de noodzakelijke materiële en personele voorzieningen en schept organisatorische kaders en systemen, nodig voor een passende professionele beroepsuitoefening. Deze voorzieningen zullen op een zodanig peil worden gehouden dat een doeltreffende, doelmatige en cliëntgerichte zorg gewaarborgd blijft.
  1. 4. De directie en professionals zullen zich tot het uiterste inspannen om zowel de continuïteit van de zorg als het effectueren van vakantie- en verlofrechten te realiseren.
  1. 5. De directie blijft bij afwezigheid van de professional(s) door ziekte, verlof of vakantie eindverantwoordelijk voor de continuïteit van de zorg voor de cliënt die een overeenkomst zorg heeft met de instelling; de professional zorgt daarbij zelf voor vervanging indien nodig, behalve als dat gezien de aard van de afwezigheid niet kan.
  1. 6. De professionals dragen zorg voor een zodanige regeling van vakantie en verlofdagen dat de kwaliteit van de zorg voor cliënten zoveel mogelijk gewaarborgd i

 

ZORGVERLENING

  1. 1. De professional zal cliënten behandelen, waar nodig in multidisciplinair verband. De directie draagt er zorg voor dat per cliënt één professional als coach/contactpersoon verantwoordelijk is voor het opstellen en uitvoeren van het plan. Deze professional legt, indien deze zelf niet de rol van hoofdbehandelaar heeft, verantwoording af aan de hoofdbehandelaar.
  1. 2. De professional zal de cliënten zo nodig de wettelijke vertegenwoordiger(s) in zo begrijpelijk mogelijke taal informatie verstrekken over de behandeling/begeleiding van de cliënt, waaronder voorgestelde behandeling en/of onderzoe Het plan wordt zo veel als mogelijk gezamenlijk met de cliënt en het cliëntsysteem geformuleerd.
  1. 3. De professional vangt eerst aan met de behandeling na toestemming van de cliënt of diens wettelijke vertegenwoordiger(s). Alleen in geval van een acute zorgvraag waarbij voor de cliënt of diens omgeving een veiligheidsrisico speelt kan de behandeling zonder toestemming starten plaat Indien nodig overlegt de professional met de verwijzer of huisarts.
  1. 4. De professional geeft niet zonder toestemming van de cliënt informatie aan derden en niet dan nadat de gerichte informatie besproken is met de cliënt, tenzij wettelijke bepalingen of acute veiligheidsrisico’s hiervoor een specifieke uitzondering geven. Het privacyreglement geeft hiertoe de richtlijnen.
  1. 5. Indien de professional gegronde redenen meent te hebben de behandeling/begeleiding van een cliënt niet op zich te nemen, dan wel af te breken, dan overlegt hij dit met de hoofdbehandelaar en leidinggevende en draagt, indien de professional besluit de behandeling/begeleiding niet op zich te nemen dan wel af te breken, zorg voor voldoende continuïteit van de behandeling/begeleiding.
  1. 6. De professional behandelt/begeleidt de cliënt onder zijn persoonlijke verantwoordelijkheid, binnen de grenzen van zijn bekwaamheid en in overeenstemming met de voor hem geldende professionele standaard, binnen de door de instelling vastgestelde protocollen en richtlijnen vanuit de beroepsgroep.
  1. 7. De professional schakelt, indien hij de grenzen van zijn bekwaamheid bij voortzetting van de behandeling/begeleiding zou overschrijden, een collega in die wel de bekwaamheid bezit, die dan gehouden is deze (specifieke) bekwaamheid/deskundigheid in te zetten.
  1. 8. Afhankelijk van de aard van de hulpvraag van de cliënt en van het deskundigheidsgebied van waaruit het aanbod geleverd wordt, wordt bepaald welke professional uit welke discipline wordt ingezet.
  1. 9. De arts/psychiater wordt tenminste ingeschakeld en bij evaluaties betrokken indien:
  1. 1. er somatische/psychiatrische diagnostiek nodig is
  2. 2. er zich veranderingen voordoen in het ziektebeeld
  3. 3. wanneer er gevaar dreigt voor anderen of voor de cliënt
  4. 4. wanneer farmacotherapeutische behandeling overwogen, ingesteld of aangepast wordt;
  5. 5. indien opname, vrijwillig dan wel gedwongen overwogen wordt
  6. 6. indien medisch coördinerende zorg nodig is
  1. 11. De professional draagt binnen zijn verantwoordelijkheidsgebied bij aan de totstandkoming van en het onderhouden van externe relaties, zodat samenwerking en, indien nodig, een goede overdracht van cliënten naar andere instellingen dan wel collega-hulpverleners gewaarborgd
  1. 12. De professional is gehouden medewerking te verlenen aan het tot stand komen en implementeren van

(zorginhoudelijke) richtlijnen.

 

DE PROFESSIONELE STANDAARD

  1. 1. De professional is gehouden de deskundigheid en bekwaamheid op peil te houden dan wel uit te breiden, zodanig dat hij/zij voldoet aan de eisen die in redelijkheid aan als hulpverlener mogen worden gesteld. De professional dient in dat kader zorg te dragen dat de registratie in het geldende register als bedoeld in de Wet BIG of een vergelijkbaar erkend register in stand blijft. De directie stelt de professional in staat deze bekwaamheid op peil te houden en daarvoor bij- en nascholing te volgen, ook in het kader van de (her- )registratie.
  1. 2. De professional toetst het hulpverlenend handelen regelmatig aan de evidence en consensus hiervoor binnen de beroepsgroep, en neemt gestructureerd deel aan intervisie.
  1. 3. De directie stelt de professionals in de gelegenheid regelmatig met elkaar te overleggen betreffende de vakinhoudelijke ontwikkeling, teneinde de kennis en kunde op peil te houden.

 

PROCESVERANTWOORDELIJKEN

  1. 1. De professional draagt zorg voor een goede dossiervorming en informatieoverdracht en geeft alle relevante informatie aan andere professionals die bij de zorgverlening aan de cliënt betrokken zijn.
  1. 2. De professional zal bij doorverwijzing van de cliënt en bij multidisciplinaire samenwerking overleg plegen met de in te schakelen hulpverlener over de verwijzing en vervolgens periodiek overleg plegen over de voortgang van de behandeling.
  1. 3. Bij (on)voorziene afwezigheid draagt de professional zorg voor een adequate overdracht en voor toegankelijke informatie ten behoeve van degene(n) die hem waarneemt (waarnemen) of vervangt (vervangen).
  1. 4. De waarnemend professional heeft voor wat betreft de zorg aan de cliënt gedurende de tijd dat wordt waargenomen dezelfde verantwoordelijkheden als de oorspronkelijke professiona

 

DOSSIERVORMING,INFORMATIEVERSTREKKINGAAN DERDEN

De professional is gehouden van iedere door hem te behandelen/begeleiden cliënt, met inachtneming van de wettelijke bepalingen en de binnen het vastgestelde kwaliteitssysteem, een dossier bij te houden. Het dossier is te allen tijde bijgewerkt, juist en volledig.

De professional is gebonden aan zijn wettelijke geheimhoudingsplicht ten aanzien van de cliënten en het dossier. Het behandelingsteam deelt daarbij onderling alle informatie die nodig is voor gezamenlijke behandeling/begeleiding.

Het gebruik maken van niet tot de cliënt herleidbare gegevens uit dossiers ten behoeve van beleidsontwikkeling, kwaliteitsevaluaties, wetenschappelijke publicaties en onderzoek is mogelijk met toestemming van de directie, en in samenwerking met wetenschappelijke instituten.

De directie draagt er zorg voor dat de cliënten dossiers worden bewaard overeenkomstig de daarvoor geldende wettelijke bepalingen en dat de bewaring zodanig is dat onbevoegden daarvan geen kennis kunnen nemen.

 

BEDRIJFSVOERING

  1. 1. De directie geeft, binnen de grenzen van wet- en regelgeving en de financiële mogelijkheden, leiding op basis van datgene wat voor de zorg de optimale voorwaarden biedt.
  2. 2. Dilemma’s tussen bedrijfsvoering en inhoud worden besproken met deskundige professionals en waar mogelijk in consensus opgelost.
  3. 3. De professional dient een actieve bijdrage te leveren aan de kwalitatieve rapportage en registratie van het werk volgens het kwaliteitssysteem en vakinhoudelijke richtlijnen.
  4. 4. De professional houdt zich aan de afspraken, zoals vastgelegd in het kwaliteitssysteem en vakinhoudelijke richtlijnen, met inachtneming van de mogelijkheid daarvan in het belang van de cliënt gemotiveerd af te wijken.
  1. 5. De professional is verplicht zich bij de uitvoering van de werkzaamheden te houden aan de aanwijzingen welke door of namens de directie worden gegeven.
  2. 6. De professional houdt zich bij extern optreden aan de afspraken betreffende de contacten met de pers, media en andere instanties.
  1. 7. De professional is gehouden actief bij te dragen aan de totstandkoming en uitvoering van het kwaliteitssystee

 

LEREN &VERBETEREN

De professional, de directie en evt. andere betrokkenen zijn alert op knelpunten en hiaten in bestaande afspraken, en meldt elke uitzondering of afwijking van de reguliere werkwijze, zoals vastgesteld in dit professioneel statuut of het kwaliteitssysteem als geheel.Waar nodig worden verbeterpunten ingezet. In het jaarlijkse kwaliteitsverslag is de beschrijving van de inzet, evaluatie en bijstelling van het professioneel statuut een vast onderdeel.